Hoge en Lage der Aa

De Reidiepbrug, aan de zuidkant van het Noorderplantsoen, geeft een mooi uitzicht op de Noorderhaven, de oudste, 17e-eeuwse, handelshaven van de stad, en rechts daarvan is het begin van de volgende etappe van het Pieterpad: het Hoge en Lage der Aa.

Het grote, wit geverfde hoekhuis aan de Noorderhaven 64, met het gemeentewapen op de gevel, is, vanaf 1906, het havengebouw waar de havengelden betaald worden. Maar daarvoor is het, vanaf 1874, Hotel Schiermonnikoog en ligt de veerboot naar het eiland tegen de kade aangemeerd. Men noemde trouwens dit stukje stad de ‘Hoek van Ameland’. De gevel heeft oorspronkelijk een normale, negentig graden hoek, maar in 1904 besluit de gemeente om er een punt van af te halen om zo meer ruimte op de kade te creëren. De Noorderhaven is na het verdwijnen van de bedrijvigheid na de oorlog een zogenaamde vrijhaven geworden: er zijn geen vaste ligplaatsen.

Op Noorderhaven 19 aan de centrumkant, is een scheepswerf geweest. Eigenaar is de West Indische Compagnie die een afdeling in Groningen heeft, de kamer ‘Stad en Lande’, aan de Munnikeholm. De WIC handelt in de koffie, tabak, suiker, katoen en in tot slaaf gemaakte Afrikanen die naar de Cariben en Zuid-Amerika worden gebracht.

Aan de andere, noordwestkant van de brug, ligt het Reidiep, de vanaf de 14e-eeuw, in fasen gekanaliseerde benedenloop van Hunze en Drentse Aa, naar Zoutkamp. De stad heeft hiermee een open verbinding met de Waddenzee. Eb en vloed zijn in de diepenring van de stad merkbaar. In 1876 komen er sluizen bij Zoutkamp waardoor die zee-invloed verdwijnt. En het Eemskanaal, van Groningen naar Delfzijl, wordt in datzelfde jaar opgeleverd en daarmee verliest het Reitdiep zijn centrale transportroute naar zee.

De grachtenpanden van het Hoge en Lage der Aa tonen de economische macht en welvaart van de kooplieden, fabrikanten, brouwers, bankiers. Men woont in de kelder of op de eerste verdieping. De hogere verdiepingen is voor de opslag. Vervoer over water was tot ver in de 20ste-eeuw de belangrijkste transportweg. De grote hoogveenmoerassen ten zuiden van de stad, het drassige zeekleigebied in het oosten en noorden, de woeste gronden in Friesland en Drenthe maken de Drentse Aa, aan de westkant, en de Hunze, aan oostkant, slagaders voor vervoer van personen en goederen. Door deze riviertjes en door het Reitdiep, kan Groningen floreren. Het wordt zelfs in de 14e eeuw een Hanzestad.

In 1482 introduceert de stad Groningen het ‘stapelrecht’ dat handelaren en boeren uit de Ommelanden dwingt om hum goederen naar de stad te brengen, daar op te slaan en in de stad te verkopen. Het verhindert ook nieuwkomers om in de ommelanden een handeltje te beginnen. Als eerste wordt het stapelrecht toegepast op graan (gerst, met name). Veel pakhuizen aan de Noorderhaven en Hoge der Aa zijn graanpakhuizen geweest. De stad weet zelfs af te dwingen dat al het bier in de provincie in de stad gebrouwen moet zijn. Een flink aantal van de brouwerijen zit aan het Hoge der Aa vanwege de goede kwaliteit van het Aa-water. De stad beschermt dat en verbiedt om huisvuil, as of mest in de Aa te gooien.

De afgedwongen dominantie van de stad t.o.v. de Ommelanden leidt tot langdurige spanningen tussen boeren, de elites in steden als Appingedam, Winschoten en de stad. Een ressentiment t.o.v. is in de provincie tegenwoordig nog hoorbaar.

De bebouwing op het Hoge der Aa is ouder dan op het Lage der Aa. De Drentse Aa is de grens van de oude middeleeuwse stad met de ommellanden. De oudste poort van de stad, de Aa-poort, was bij de A-brug bij de Brugstraat.

Bij de uitleg van de stad, vanaf 1609, wordt, in oppervlakte, de stad twee keer zo groot en komt het Lage der Aa binnen de nieuwe stadswal. Op de beroemde kaart van Egbert Haubois (eerste versie uit 1637) zien we op de Lage der Aa al enkel tientallen gebouwen en er zijn veel tuinderijen binnen de stadsgrenzen. Zie hier voor kaart van Haubois

Het hoogteverschil tussen de kades aan Hoge en Lager der Aa is slechts 6 centimeter. Het Lage der Aa is lager doordat het niet meer op de Hondsrug ligt.

De liefhebbers kunnen hun hart ophalen aan de 700 jaar oude geschiedenis en de architectuur van het Hoge en Lage der Aa. Hier een paar voorbeelden uit vele.

De Sleutel, nu café, voorheen brouwerij en daarna graanpakhuis

De Sleutel, Noorderhaven 72, het grote crèmegele pand met de rode deur, is een brouwerij geweest die in 1650 al bier brouwt. In het begin van de 19e eeuw wordt het een graanpakhuis tot in de jaren zeventig van de 20e-eeuw. In 1977 wordt het pand verkocht en wordt het een café waarin historische restanten van de brouwerij en de graanhandel bewaard zijn gebleven. Een deel van de muren in het café is een restant van de 13e-eeuwse stadsmuur.

Op Hoge der Aa 27 is, tot aan het begin van de twintigste eeuw, de laatste brouwerij, Keizer & Co. Tegenwoordig kent de stad de kleine brouwerijen Baxbier en Martinus, maar die zitten niet aan de Hoge of Lage der Aa. 

Het pakhuis Libau (oudste gedeelte is van 1300), Hoge der Aa 5, is van alle pakhuizen misschien wel het meest origineel gebleven. In de 17e eeuw zit hier ook een bierbrouwerij. En daarna wordt het een graanpakhuis. Libau is de Duitse benaming van Liepāja, de handelsstad aan de Oostzee, in het westen van Letland.

Drie vlasblommen boven tweede verdieping in het midden

Weduwe Vlasblom-van den Broeke koopt in 1651 het pand Hoge der Aa 7 en start een zeepziederij achter het huis. Ze gebruikte lijnolie (vlaszaadolie) als basisingrediënt. De drie in reliëf in de gevel aangebrachte vlasblommen verwijzen naar haar drie kinderen en naar de zeepmakerij.

Het Hoge der Aa, door H.W. Mesdag, 1879

Hoge der Aa 9 (± 1700) is het geboortehuis van Taco (1829-1902) en Hendrik Willem (1831-1915) Mesdag. Boven de deur staat nummer 8 maar, na een nieuwe nummerindeling in 1921, is het nummer 9 geworden.

Er is meer artistiek talent geweest: Hendrik Nicolaas Werkman (1882-1945) huurt op Lage der Aa 13 een deel van de tweede en derde verdieping en zet daar zijn uitgeverij en artistiek carrière voort. Werkman wordt in 1919, een jaar na de oprichting, lid van de Ploeg, een belangenvereniging van Groningse kunstenaars. Hier ontstaat het Gronings expressionisme. Werkman wordt een paar dagen voor de bevrijding van Groningen gefusilleerd. O.a. vanwege het drukken van illegale uitgaven van het verzet. Aan de zijkant van het pakhuis staat  in grote letters ‘Damals’, een woord dat kunstenaar Peter de Kan, liet aanbrengen als herinnering aan de oorlog.

Lage der Aa 16 heeft vanaf 1918 een tijdlang mosterdfabriek de Marne gezeten totdat ze eigen fabriek in de Mussengang krijgen en uiteindelijk op het industrieterrein in de Hoogte terechtkomen. Oorspronkelijk, 1895, komt de fabriek uit Molenrij, een dorpje in de gemeente de Marne op het Hogeland.

En opeens staat er een contrasterend, stijlvol woonblok, Lage der Aa 9 en 10 uit 1933 (architect H.B. Bulder), tussen de pakhuizen en herenhuizen. Het is opvallend vanwege de zakelijke architectuur, met mooie strakke lijnen. De grote ramen hebben de ideale verhouding van de gulde snede, het baksteen springt naar voren en naar achteren, de kozijnen zijn van metaal. En het is een ontwerp van appartementen voor ‘gewone mensen’ in tegenstelling tot bijna alles wat op Hoge en Lage der Aa is gebouwd waar een welvarende klasse woonde en werkte.

Bij de Vissersbrug, op de kade aan het Hoge der Aa staat een urinoir, uit 1923, in dezelfde nieuw zakelijke stijl. Het is het eerste ontwerp  van de Groningse architect S. Bouma. Ook hij speelt met rechthoeken van baksteen. Op het Zuiderdiep, hoek Ubbo Emmiusstraat, staat het grote pand van Ruimtelijke Ordening en Economische Zaken van de stad. Daar leeft Bouma zich uit in wat er met baksteen allemaal gedaan kan worden. Het interieur is zeer de moeite waard. De Nieuwe Zakelijkheid wordt Amsterdamse School. Het Pieterpad loopt er langs.


Bronnen

Beno’s Stad: De Sleutel – YouTube

Hoge der A 7 – Beno’s Stad 313 (11-10-2007)

Hoge der A – Wikipedia

Eb en vloed in het A-kwartier › De Verhalen van Groningen